Bevingsverhaal van Sjoukje

Sjoukje heeft jarenlang alles netjes bijgehouden, maar slaagt er de laatste tijd niet meer in om alles goed te sorteren.

Wie: Sjoukje (73)
Woonplaats: Warfhuizen
Huis: Twee samengevoegde arbeidershuisjes
Te maken met: Sjoukje is het balletje in een pingpongwedstrijd tussen de provincie en de NAM. Ze heeft materiële schade, is kwaad en heeft ernstige lichamelijke klachten.

Voor 1 januari 2018 moet Sjoukje een belangrijke keuze maken. Al vijf jaar lang wordt ze gemangeld door twee machtsblokken: enerzijds de provincie Groningen en anderzijds de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) en het Centrum Veilig Wonen (CVW). Nu ligt er een ‘coulancevoorstel’ van die partijen op tafel. Als Sjoukje dat accepteert, krijgt ze een beperkte vergoeding. Als ze weigert, dan gaat de zaak naar de Arbiter Bodembeweging. Accepteert ze het geld en kiest ze voor haar gezondheid, of strijdt ze door vanwege haar rechtvaardigheidsgevoel?

Sjoukje woont in Warfhuizen, aan de doorgaande provinciale weg van Aduard naar Wehe-den Hoorn. In 2012 knapt de provincie die weg op. In de dorpskern van Warfhuizen komen bij wijze van experiment en ondanks bezwaren van bewoners klinkers te liggen. Als de renovatie in het najaar van 2012 klaar is, blijkt echter dat het mis is met de overgang van de oude naar de nieuwe bestratingslagen.

Er rijden heel wat vrachtauto’s en agrarische voertuigen over de weg – iedere keer betekent het een kleine aardbeving voor Sjoukje en haar buurtgenoten. ‘Ik werd ’s ochtends soms gillend wakker’, zegt Sjoukje. ‘Zo stond mijn bed te schudden. Het hele huis kraakte, er ontstonden scheuren. De poezen waren in paniek en ik raakte in de stress.’

De provincie zegt na meerdere klachten toe de schade te zullen herstellen. Toch gebeurt er lange tijd niets. Een klein jaar na de aanleg worden er door de provincie trillingsmetingen uitgevoerd. Conclusie: de trillingen zijn niet heftig genoeg om schade te veroorzaken. ‘Ongelooflijk’, zegt Sjoukje. ‘De metingen werden in de zomervakantie gedaan. Het vrachtverkeer lag toen nagenoeg stil. En de weg was inmiddels ingeklonken.’

In het najaar van 2012 komen er meer problemen op het pad van Sjoukje. De beving bij Huizinge met een zwaarte van 3,6 op de schaal van Richter wordt ook in Warfhuizen gevoeld. Na verloop van tijd ontdekt Sjoukje haarscheurtjes in haar muren en gevels. In het voorjaar van 2014 meldt ze haar schade bij de NAM.

Er komt een inspecteur langs van Arcadis. ‘Toen hij op de stoep stond en de klinkers zag, zei hij al dat de schade door het verkeer kwam’, zegt Sjoukje. ‘Ik was toen zo onnozel om dat te geloven. Ik dacht nog; mooi, nu heb ik extra bewijs om de provincie verantwoordelijk te stellen. Achteraf denk ik; wat ben ik toch naïef geweest.’

De klinkers worden in het najaar van 2014 uiteindelijk toch weggehaald en weer vervangen door asfalt. De provincie doet dat vanwege de aanhoudende klachten over trillingen en scheurvorming in woningen op en nabij de wierde. Voor de vervanging was zelfs geld gereserveerd, omdat de klinkerweg een experiment was. Maar een vergoeding voor haar schade krijgt Sjoukje niet. ‘Daar was kennelijk geen geld voor’, zegt ze.

Sjoukje neemt een advocaat via Vereniging Eigen Huis en probeert de schade op de provincie te verhalen. De kosten worden haar al snel te hoog, waardoor ze deze strijd tijdelijk staakt. ‘Toen heb ik het door ziekte een tijdje laten liggen’, zegt Sjoukje. ‘Ik wist niet meer wat ik moest doen, hoe ik mijn schade vergoed kon krijgen. Komt het dan door de klinkers, door de bevingen of door allebei?’

Eind 2015 doet Sjoukje een nieuwe schademelding, ditmaal bij het CVW. De inspecteur van Octa bekijkt het hele huis. ‘Hij zei dat hij typische bevingsschade zag’, zegt Sjoukje. ‘Maar in zijn rapport stond: C-schade. Er was zogenaamd sprake van zettingsschade, terwijl dit huis hier al meer dan honderd jaar staat.’

Sjoukje laat een aannemer uit de buurt de schade opnemen. Die ziet geen gevaren voor de veiligheid, maar wel veel scheuren. Hij taxeert de kosten voor herstel op 15.000 euro. De aannemer raadt Sjouke ook meteen een contra-inspecteur aan.

‘Die man komt hier nooit meer binnen’, zegt Sjoukje over de contra-inspecteur. Zijn rapport verschijnt in het najaar van 2016. ‘Ik had hem meteen de deur moeten wijzen. In zijn rapport stond dat mijn huis buiten de schadecontour staat. Dorpsgenoten hadden wel erkende schade. Loopt die lijn dan dwars door het dorp? Grote onzin natuurlijk, maar dat wist ik toen nog niet. Toen dacht ik nog dat de deskundigen ook werkelijk kundig waren.’

Sjoukje meldt zich dan aan bij de Nationaal Coördinator Groningen (NCG) als complex geval. Een voortvarende casemanager bemiddelt namens haar met de provincie en het CVW. ‘Daar was ik heel blij mee’, zegt Sjoukje. ‘Ik kon de positie van speelbal niet meer aan. De provincie wees steeds naar de NAM, en de NAM naar de provincie.’

Bevingsverhaal van Sjoukje
De muren van het huis zitten vol met haarscheurtjes en scheuren zoals deze.

De casemanager doet zijn best, maar Sjoukje ziet zijn motivatie en enthousiasme met de maanden afnemen. ‘Aan hem heeft het niet gelegen’, zegt ze. ‘Maar het instituut NCG krijgt kennelijk nauwelijks een poot binnen de deur bij het CVW en bij de provincie.’

Op een van de laatste dagen van 2016 stuurt de provincie een bouwadviesbureau langs bij Sjoukje om de schade vast te stellen. Net als de aannemer die Sjoukje eerder zelf had aangesteld, komt dit bureau uit op een schade van 15.000 euro.

‘Dan denk ik, laat de provincie de ene helft en de NAM de andere helft uitkeren’, zegt Sjoukje. ‘Maar dat is vast te simpel.’ In januari 2017 meldt ze zich aan bij de Arbiter Bodembeweging. Als de provincie en het CVW er samen niet uitkomen, kan ze in ieder geval via die weg nog erkenning afdwingen.

Halverwege 2017 besluit Sjoukje om het heft in eigen handen te nemen en een brief aan alle bobo’s te sturen. Ze richt haar noodkreet aan de NAM, de NCG, het CVW, Shell, de Commissaris van de Koning, het Groninger Gasberaad, de provincie en de gemeente De Marne.

Het leidt tot beweging bij de betrokken partijen. Eerst is de provincie bereid om 5.000 euro van de schade te vergoeden, later doet de NAM hetzelfde voorstel. Voor 1 januari 2018 moet Sjoukje beslissen of ze de 10.000 euro aanneemt of dat ze via de Arbiter Bodembeweging blijft strijden voor erkenning van de volledige schade.

‘Dat ze nu deze zogenaamde coulanceregeling willen treffen, is eigenlijk een regelrechte schuldbekentenis’, stelt Sjoukje. ‘Mijn kinderen zeggen dat ik het aan moet nemen, zodat ik van het gesodemieter af ben. Maar mijn rechtvaardigheidsgevoel zegt dat ik niet moet opgeven.’

Het aanbod is 5.000 euro onder de getaxeerde schade, en omdat Sjoukje geen erkende schade heeft, loopt ze ook de 4.000 euro van de waardevermeerderingsregeling mis. Tel daarbij op de kosten die Sjoukje heeft moeten maken – haar advocaat, haar aannemer en de inspecties – en dan wordt duidelijk dat het aanbod helemaal niet zo coulant is. Bovendien mag Sjoukje in de toekomst geen claims meer indienen als ze nu akkoord gaat. Ook weet ze nog niet wie haar inboedel moet verplaatsen als ze de woning laat repareren.

Door haar verminderde gezondheid neigt Sjoukje het aanbod aan te nemen. Ze heeft in de afgelopen vijf jaar gestreden tegen kanker en nu ook een ernstige vaatziekte die haar invalide maakt. ‘Ik kan dit niet volhouden’, zegt Sjoukje. ‘Maar het maakt me wel heel boos en teleurgesteld. Ieder mens heeft zijn portie leed te verwerken. Die ziekte, dat is leed dat je overkomt. Dit gedoe met de provincie en de NAM, dat is leed dat je wordt aangedaan.’

‘Ik vind het onverteerbaar en laf dat ze niet de volledige verantwoordelijkheid durven te nemen. Van hun probleem hebben ze mijn probleem gemaakt’, zegt Sjoukje. ‘En ik verwijt mezelf dat ik dit gevecht niet kan winnen. Misschien ben ik in de eerste jaren te goedgelovig geweest en heb ik teveel in mijn eentje gevochten. Je redt het niet alleen, je moet steun zoeken.’