Op 31 maart zijn de resultaten van het onderzoek naar de schade in het zogenaamde ‘buitengebied’ door de NCG bekend gemaakt. Gedupeerden ontvingen op datzelfde moment hun eigen rapport van Witteveen+Bos, zonder uitzondering met de conclusie dat de schade niet is veroorzaakt door aardbevingen? Gaswinning? Mijnbouw? Twee maanden later is er nog veel onduidelijk over het vervolg op, en de consequenties van, deze stellingname. Bij gedupeerden maar ook bij ons overheerst niet alleen ongeloof (33.877 scheuren waarvan niet één zelfs maar verergerd is door gaswinning?!?!) maar er ontbreekt ook een volledig overzicht over hoe dit nu verder moet. 

We hebben daarom de vragen die we zelf hebben en de vragen die we van gedupeerden uit het zogenaamde buitengebied krijgen (maar waar we dus ook geen antwoord op kunnen geven) hieronder op een rij gezet en schriftelijk gesteld aan de NCG.  Wij hopen op een spoedige beantwoording en zullen uiteraard meteen de antwoorden onverkort met iedereen gaan delen.

1a. Kunt u duidelijk aangeven om welke dorpen het gaat in het buitengebied?

Antwoord NCG:
Zie svp een losse bijlage voor een overzicht van de woonplaatsen.

Reactie Gasberaad:
We hebben de betreffende lijst op onze site geplaatst. We hebben daarbij de dorpen ingedeeld per gemeente voor een beter overzicht.

 

1b. Wat is het totaal aantal woningen/gebouwen wat in het zogenaamde ‘buitengebied’ staat?

Antwoord NCG:
Deze informatie is niet bekend bij CVW. Wellicht dat deze informatie bekend is bij de desbetreffende gemeenten.

Reactie Gasberaad:
We zullen dit opvragen bij de desbetreffende gemeenten.

1c. Van hoeveel procent van dit totaal aantal is er schade gemeld?

Antwoord NCG:
In lijn met het antwoord op vraag 1b is ook deze informatie niet bekend bij CVW. Zie svp het antwoord op vraag 3 voor het aantal meldingen in fase 1.

Reactie Gasberaad:
We willen graag het aantal schademeldingen per plaats in het ‘buitengebied’ weten. We zullen deze vraag aan de NCG stellen.

Reactie Gasberaad: Van verschillende gemeenten krijgen wij nu terug dat deze informatie bij het CVW te verkrijgen is. Hoe gaan we hiermee om?

Antwoord NCG: CVW is bezig deze informatie te verzamelen.

We kunnen hier behalve een contourenkaart geen duidelijke lijst van vinden. Hierdoor is het voor de gedupeerden en anderen niet duidelijk wat onder het buitengebied valt.
https://www.nationaalcoordinatorgroningen.nl/downloads/rapporten/2016/augustus/18/kaart-onderzoeksgebieden-buitengebied

 

2. Er is ook nog sprake van zogenaamde ‘randgebieden’, dit zijn de gebieden tussen de rode en blauwe contour die de NAM in haar schadeprotocol tot 31 maart 2017 hanteerde. O.a. Woldendorp valt hierin. Hoe verhoudt dit ‘randgebied’ zich tot de zogenaamde ‘binnen en buiten’ gebieden? Wat is de status van dit zogenaamde ‘randgebied’? Vallen gedupeerden daar in het regime van het zogenaamde ‘binnen gebied’ of in het regime van het zogenaamde ‘buiten gebied’ of gold en/of geldt daar nog weer een ander, eigen regime? Of valt het deels onder zogenaamd ‘binnen gebied’ en deels onder zogenaamd ‘buiten gebied’?

Antwoord NCG:
De blauwe contour was de definitie van het potentieel schadegebied vanuit het Groningen Gasveld. Om twijfel uit te sluiten is hier buiten een vijf kilometer margegebied omheen getrokken (rode contour). Dit ‘randgebied’ tussen de blauwe en rode contour werd behandeld als zijnde ‘binnengebied’. Overigens is geen sprake meer van contouren en dus ook niet van een binnen- en buitengebied. Noch van deze contouren.

Reactie Gasberaad:
Dit lijkt helder. Mocht iemand een andere ervaring hebben horen we dat graag.

 

3. In de verwachte vragen en antwoorden over het buitengebied van het CVW wordt gesproken over inspecties aan 1.564 adressen met schade aan 2.077 gebouwen. Hiervóór was er nog sprake van ruim 1600 woningen en in september 2016 nog van ruim 1.700. Waar komen die verschillen vandaan?

Antwoord NCG:
Oorspronkelijk was er sprake van 1753 meldingen, maar dat werden er uiteindelijk 1564 die een beoordelingsrapport hebben gekregen en 1490 die nog in het proces zitten. Het verschil zit in toevoegingen en annuleringen na de start in augustus 2016, waaronder 74 beoordelingen (1564-1490) op en rond UGS Norg. De annuleringen zijn op verzoek van bewoners zelf gedaan, of het is niet mogelijk gebleken een afspraak te plannen. In dat laatste geval worden ze meegenomen in de volgende inspecties.

 

4. Waarom is er sprake van bevingsschade en niet van mijnbouwschade? In de rapporten van Witteveen+Bos worden beide termen gehanteerd, onduidelijk is waarop is geïnspecteerd en beoordeeld.

Antwoord NCG:
Er is beoordeeld op alle mogelijke schades. De onderzoekers hebben geen relatie kunnen leggen met mijnbouwschade, waaronder trillingen als gevolg van aardbevingen. Onder mijnbouwschade valt ook, bijvoorbeeld gasopslag en zoutwinning.

Reactie Gasberaad:
Bedoeld wordt hier waarschijnlijk dat is beoordeeld op alle mogelijke schadeoorzaken. Dat ook (interactie met) gasopslag en/of zoutwinning geen schade effecten zouden opleveren bevreemdt ons.

 

5. a. Hebben alle gedupeerden die zijn geïnspecteerd door Witteveen+Bos in het zogenaamde ‘buitengebied’ inmiddels een definitief rapport ontvangen?

Antwoord NCG:
Nee, in fase 1 is dit voor twee rapporten nog niet het geval. In het ene geval is er sprake van dat een bewoner geen herinspectie wil. In het andere dossier is er sprake van een kippenschuur die eerst leeg moet zijn.

Reactie Gasberaad:
Tot een paar week geleden hoorden we van meer gevallen waar nog geen definitief rapport lag. Bewoners die nog geen rapport hebben en zich niet herkennen in de beschrijving van deze twee gevallen doen er verstandig aan zich te melden.

5.b. Ook die gedupeerden die correcties op het inspectieverslag hebben ingediend, dan wel een ‘herinspectie’ hebben gehad?

Antwoord NCG:
Zie svp het antwoord op vraag 5a.

5.c. Om hoeveel rapporten gaat het dan?

Antwoord NCG:
Zie svp het antwoord op vraag 5a.

 

6. Als de gedupeerden correcties op het beoordelingsrapport hebben doorgegeven en die niet juist weergegeven zien kunnen deze volgens het document “Vragen met betrekking tot het inspectieverslag van het CVW” in overleg met hun bewonersbegeleider mogelijk aangepast kunnen worden. Wat betekent ‘mogelijk’?

Antwoord NCG:
Hiermee wordt bedoeld dat aanpassingen in het inspectieverslag worden doorgevoerd indien dit relevant is voor de beoordeling van de schade, of om onjuiste gegevens van de bewoner aan te passen.

 

7. Op welke termijn kunnen de gedupeerden in het zogenaamde ‘buitengebied’ een brief met een concreet voucheraanbod verwachten?

Antwoord NCG:
Vanaf eind juni stuurt CVW in een aantal weken de verschillende brieven naar bewoners die in aanmerking komen.

Reactie Gasberaad:
Praktijk is dat de eerste lichting van de aanbiedingen op de dag van de beantwoording (16 juni) zijn verzonden. Betreft níet het zogenaamde ‘buiten gebied’ maar de gesloten C-schades in het zogenaamde binnengebied.

 

8. Op welke termijn moeten de gedupeerden vervolgens reageren op de brief met het voucheraanbod?

Antwoord NCG:
Schademelders krijgen een jaar de tijd om aan te geven of zij gebruik wensen te maken van het aanbod van een voucher. Tenzij het om eenzijdig gesloten dossiers gaat, dan geldt een bedenktijd van 8 weken.

Reactie Gasberaad:
Dit antwoord is onduidelijk. Wat zijn eenzijdig gesloten dossiers? Waar komen die voor? Om hoeveel gaat het dan? Waarschijnlijk staat het antwoord duidelijker op de website van de NCG: “Bewoners met openstaande dossiers hebben twaalf maanden de tijd om te beslissen of ze het aanbod accepteren. Bewoners met gesloten dossiers, die in aanmerking komen voor het aanbod, hebben acht weken bedenktijd.”

Antwoord  NCG: Aanvulling op bovenstaand antwoord: Dossiers zijn in het verleden (door NAM) eenzijdig gesloten wanneer er geen aardbevingsschade was geconstateerd en bewoners niet hebben gereageerd. Dat gaat om ca. 9.000 adressen.

 

9. Er wordt gesproken over een second-opinion traject. In het document “Vragen met betrekking op het inspectieverslag van het CVW” wordt gesproken over een drietal panels dat de second opinion uitvoert en een proces dat maximaal 4 weken duurt.
Hoe zien deze panels er uit?
Waarom is er sprake van 3 panels?
Hoe gaat dit panel de dossiers beoordelen?
Vanaf wanneer gaat dit proces van start?

Antwoord NCG:
Op dit moment wordt het second-opinion traject nog verder uitgewerkt. De door de NCG ingestelde onafhankelijke begeleidingscommissie heeft hierin een adviserende rol.

Reactie Gasberaad:
We wachten in spanning af…

 

10. Gedupeerden uit het zogenaamde ‘buitengebied’ wordt de keuze gegeven tussen een voucher ter waarde van 1500 euro of het ingaan van een ‘second-opinion’ traject. Daarna kunnen ze eventueel naar de arbiter. Kunt u bevestigen dat gedupeerden die een andere keuze maken, bijvoorbeeld voor eigen contra-expertiserapport, daarna ook gewoon naar de arbiter kunnen?

Antwoord NCG:
Het staat mensen vrij om de partij in te schakelen die zij willen, zoals een contra-expert en/of burgerlijk rechter. Echter, het gefaciliteerde proces in het buitengebied voorziet in vouchers, second opinions en arbiter bodembeweging. Het is mogelijk dat de Arbiter Bodembeweging ook aanmeldingen in behandeling zal nemen waarbij er sprake is van een beoordelingsrapport van Witteveen en Bos en een contra-rapport, maar dat is aan de Arbiter zelf.

Reactie Gasberaad:
De arbiter heeft laten weten dat óók zaken met een ander contra rapport dan het voorgeschreven second-opinion traject in behandeling worden genomen. Onduidelijk is of die contra rapporten voor eigen rekening komen of gedeclareerd kunnen worden.

 

11.a. Wat moeten we ons van de voucher precies voorstellen? Is het verplicht dit te besteden bij een door CVW erkende aannemer?

Antwoord NCG:
Nee, dat is niet verplicht. Het moet wel gaan om een bouwbedrijf ingeschreven bij de KvK.

Krijgt de gedupeerde letterlijk een soort ‘tegoedbon’ die de aannemer bij het CVW kan inleveren? Of moet de gedupeerde de factuur bij het CVW indienen? Met andere woorden: hoe gaat dit in de praktijk in zijn werk?

Antwoord NCG:
De bewoner kiest een bouwbedrijf en vraagt een offerte op. De bewoner stuurt daarna de offerte samen met de voucher naar CVW. CVW geeft vervolgens de opdracht aan het bouwbedrijf. CVW betaalt tot maximaal de waarde van de voucher inclusief BTW de factuur van het bouwbedrijf. Eventuele meerkosten zijn voor rekening van de bewoner.

Reactie Gasberaad:
De voucher van 1500 Euro is inclusief BTW, dus concreet blijft er ca. 1240 Euro over voor schadeherstel!

11.b. Kan het voucher bedrag ook worden ingezet voor het dekken van eventuele bijkomende kosten?

Antwoord NCG:                   
Nee, dit kan alleen worden ingezet voor herstel van de schade.

Reactie Gasberaad: Goed opletten dus bij de afweging van het accepteren van een voucher: dekt die de werkelijk te maken kosten?

11.c. Een gedupeerde die een voucher accepteert ziet af van de mogelijkheid voor  een second-opinion. Maar wat als tijdens herstelwerkzaamheden bijvoorbeeld blijkt dat de schade toch groter is dan ten tijde van het inspectierapport werd vastgesteld? Of wanneer er later nieuwe schade ontstaat of opnieuw dezelfde  schade optreedt?

Antwoord NCG:
In het buitengebied is in de huidige onderzoeken geen mijnbouwschade geconstateerd en geldt voor iedereen dat de voucher een waarde heeft van 1500 euro inclusief BTW. Nieuwe schades kunnen worden gemeld en zullen dan worden beoordeeld.

Reactie Gasberaad: Let op! Dit antwoord gaat alleen over het buitengebied. Het antwoord is mogelijk anders bij de ‘binnen gebied’ gevallen die afgelopen weekend een aanbieding hebben gekregen. De beantwoording gaat niet in op de vraag “wat als er opnieuw dezelfde schade optreedt”. We kennen meerdere gevallen waarbij bij een dergelijke herhalingsschade door CVW naar de aannemer wordt gewezen. “Niet goed hersteld”.

Antwoord NCG: Dit antwoord geldt ongeacht locatie. Nieuwe schade (of opnieuw opgetreden schade) moet opnieuw worden beoordeeld.

 

12. We hebben het nu steeds over de €1500,00 voor het buitengebied. De ‘Schone Lei’ van de Nationaal Coördinator Groningen (NCG) gaat echter over het hele gebied en daarmee geldt het voucheraanbod aldus de website van de NCG voor 17.500 adressen. Dat is dus inclusief de afgewezen schadeadressen in het zogenaamde ‘binnengebied’. Dit zou dus betekenen dat er 17.500 – 1.600 er 15.900 adressen in het zogenaamde ‘binnengebied’ een afwijzing hebben gehad op aardbevingsgerelateerde schade.

a. Klopt dit? We ontvangen graag een uitwerking van hoe u aan deze aantallen komt. Deze kunnen we niet op deze manier terugvinden in de kwartaalrapportage van de NCG.

Antwoord NCG:
Nee, het aanbod geldt voor alle dossiers die nog niet waren gesloten op 31 maart 12 uur, en de eenzijdig gesloten C dossiers, ongeacht de ligging. Het aantal van 17.500 is globaal en niet exact, maar daar zitten ook de dossiers met erkende schade bij.

Reactie Gasberaad:
Of het gaat om eenzijdig gesloten (?!) C-dossiers, of om nog lopende zaken op 31 maart 2017 – in beide gevallen zijn dat (nog) niet erkende schades. Er zijn ook eenzijdig gesloten C-dossiers in het buitengebied? Zijn die dan wel geïnspecteerd? Dit is niet alleen ingewikkeld maar ook onduidelijk.

Antwoord NCG: Er zijn bij mijn weten geen eenzijdig gesloten dossiers in het gebied aan de randen. Als dat wel het geval is, dan hebben ook die een aanbod gehad. Er zijn schademeldingen die nog niet zijn geinspecteerd in het gebied aan de randen, dat gebeurt nog in fase 2 en 3. Ook lopende zaken op 31 maart waar wel al een erkenning en soms al een akkoord lag op dat moment, maar waar het dossier nog niet was afgesloten (bijvoorbeeld omdat uitbetaling nog niet was gebeurd) zijn onderdeel van de schone lei benadering. Deze mensen krijgen dus ook een aanbod.

 

13.a. De schadeafwijzingen zijn gebaseerd op volgens NAM/CVW geen causaal verband met aardbevingen (immers, verder strekt het mandaat van CVW niet). Hoe verhoudt zich dat tot mogelijke mijnbouwschadebeoordeling?

Antwoord NCG:
Witteveen en Bos heeft alle oorzaken van de schades onderzocht en geduid. Ze heeft daarbij geen relatie met mijnbouw kunnen vinden, en als onderdeel daarvan, ook niet met trillingen als gevolg van gaswinning. CVW heeft op basis van deze conclusies geconstateerd dat ze niet over gaat tot erkenning van schade. CVW (of NAM) heeft niet besloten voor of namens andere mijnbouwpartijen.

Reactie Gasberaad:
Dus is bv (relatie met) zoutwinning nog steeds mogelijke schade oorzaak?

Antwoord NCG: Witteveen en Bos heeft geen relatie met alle vormen van mijnbouwschade gevonden, dus inclusief zoutwinning. Mijn opmerking had betrekking op het feit dat CVW geen uitspraken kan doen namens andere mijnbouworganisaties dan NAM.

13.b. Zijn deze schademelders in het zogenaamde ‘binnengebied’ op de hoogte van deze ontwikkeling en wanneer kunnen deze gedupeerden een brief met voorstel verwachten?

Antwoord NCG:
Deze mensen zijn op de hoogte gebracht middels de persconferentie. De brief m.b.t. hun specifieke situatie ligt klaar ter goedkeuring en kan op korte termijn worden verstuurd.

Reactie Gasberaad:
Wij denken dat het een misverstand is dat mensen “op de hoogte zijn” wanneer iets wordt genoemd in een persconferentie. Al helemaal wanneer het een klein onderdeel van een veel omvattende persconferentie betreft. Het zenden van deze boodschap -tussen vele anderen – heeft daar plaatsgevonden maar het ontvangen allerminst.

Antwoord NCG: Daar zijn we het mee eens. Daarom is de brief ook belangrijker.

13.c. Voor de grote gevallen in het zogenaamde ‘binnengebied’ gaat het om een maatwerkaanpak. Hoe verloopt deze aanpak? Zijn de gedupeerden die het betreft hiervan op de hoogte?

Antwoord NCG:
Ook deze bewoners krijgen een brief. Het gaat om ongeveer 900 adressen. Met deze bewoners wordt individueel contact opgenomen over de
openstaande zaken. In overleg met de bewoners wordt gezocht naar een oplossing. CVW voert uit, de NCG kijkt daarin mee.

Reactie Gasberaad:
CVW voert uit, NCG ‘kijkt mee’. Maar wie is er eindverantwoordelijk voor deze omvangrijke operatie?

Antwoord NCG: De NAM is eindverantwoordelijk.

 

14.a.Witteveen+Bos hebben ook onderzoek gedaan naar de schademeldingen in Zuidlaren. Wanneer zijn deze rapporten te verwachten?

Antwoord NCG:
Volgens onze meest recente informatie worden de eerste beoordelingen eind juni 2017 verwacht.

14.b. Waarom moeten gedupeerden uit Zuidlaren en Emmen zich melden bij de Technische Bodem Commissie als ze het niet eens zijn met het schaderapport? (zie website Witteveen+Bos) http://www.witteveenbos.nl/nl/nieuws/bericht/50966-inspecties-213-woningen-zuidlaren-eo-van-start-/newspage/1

Antwoord NCG:
Dit is omdat deze gebieden niet onder het mandaat van CVW worden onderzocht.
http://www.witteveenbos.nl/nl/nieuws/bericht/50966-inspecties-213-woningen-zuidlaren-eo-van-start-/newspage/1

14.c. Klopt het dat van de 1.600 geïnspecteerde adressen in het zogenaamde ‘buitengebied’ álle schademeldingen die op een peildatum (welke?) in de zomer van 2016 bekend waren?

Antwoord NCG:
Fase 1 betrof schademeldingen die tot 15 augustus 2016 bij CVW/NAM bekend waren. Deze lijst is enigszins veranderd gedurende het project door annuleringen en toevoegingen.

 

15. Sindsdien zijn er ook nieuwe meldingen binnengekomen vanuit het zogenaamde ‘buitengebied’. Om hoeveel gaat dat en wat is daarmee gebeurd c.q. wat gaat daarmee gebeuren?

Antwoord NCG:

  • Tussen 16/8/16 – 31/3/17: 1018 dossiers. Deze worden meegenomen in fase 2 & 3. Wanneer oude NAM dossiers zich aanmelden, dan gaat dat nog mee in fase 2.
  • Sinds 31/3/17: 288 dossiers. Deze nieuwe schademeldingen wachten op het nieuwe schade protocol.

Reactie Gasberaad:
Wanneer begint fase 2? Wordt dit ook uitgevoerd door Witteveen & Bos? Zijn de gedupeerden op de hoogte van de indeling in fases?

Antwoord NCG: Aan bewoners die schade hebben gemeld, is gecommuniceerd dat hun woning in een volgende fase worden geinspecteerd. Dit zal ook worden gedaan door Witteveen en Bos. Fase 2 en 3 starten op korte termijn.

 

16. In september vorig jaar was u van mening dat alle schadeadressen in het buitengebied binnen drie maanden geïnspecteerd en beoordeeld moesten en konden worden. Gedupeerden zouden in januari 2017 een rapport in huis hebben “want”, zo beargumenteerde u toen, “deze mensen hebben al veel te lang moeten wachten.” Inmiddels is het juni 2017, bijna een jaar later, en wachten gedupeerden in het buitengebied nog steeds op een concreet aanbod en is er via de normale weg nog helemaal niet begonnen met herstel. Hoe beoordeelt u die situatie nu?

Antwoord NCG:
Bewoners hebben zeer lang moeten wachten en sommige bewoners wachten nog steeds. De bewoners die een beoordeling hebben ontvangen, ontvangen op korte termijn het voucheraanbod waarmee ze schade kunnen herstellen. Zij kunnen afwegen of dat voor hun voldoende is om het proces te beëindigen. Bij de andere bewoners moet de schade eerst worden beoordeeld.

 

17. U heeft de mededeling dat het buitengebied geen erkende schade heeft, gekoppeld aan een ‘gebaar’ van vouchers voor niet erkende schades in het binnen- en buitengebied. Is dit gebaar hetzelfde als wat u “Schone Lei” noemt?

Antwoord NCG:
Dat klopt, het gebaar van NAM kan een bijdrage leveren aan de schone lei.

Reactie Gasberaad:
Het voucher gebaar kan een bijdrage leveren aan de Schone Lei. Maar is dus kennelijk niet de definitie hier van de Schone Lei! Er kan nog meer gebeuren.

 

18. Ook Witteveen+Bos concluderen in hun hoofdrapport dat schade door trillingen veroorzaakt door gaswinning niet volledig is uit te sluiten. Zij achten de kans daarop klein, kleiner dan 1%. Kan dat ook betekenen dat waarschijnlijk 1% van de gebouwen in dat gebied schade heeft door trillingen als gevolg van gaswinning?

Antwoord NCG:
De door de NCG ingestelde onafhankelijke begeleidingscommissie heeft met betrekking tot de proef in het buitengebied onder andere geconcludeerd dat niet in alle gevallen voor 100% zeker is dat een beving niet het laatste tikje tot schade heeft gegeven. Echter dat de kans dat nader onderzoek tot heel andere inzichten leidt, klein is en dat de grenzen van kennis en wetenschap hier zijn bereikt. De conclusie dat het tikje in 1% van de onderzochte panden een rol speelt is niet te trekken.

Reactie Gasberaad: Dit is geen antwoord op de vraag.

Antwoord NCG: Het antwoord op de vraag is dat die conclusie niet te trekken is. Er moet rekening worden gehouden met een aantal zaken, oa: De gehanteerde schadekansen gelden per object, niet voor een gebied. Naarmate binnen een gebied de afstand tot het epicentrum toeneemt, neemt de schadekans verder af. Een gebied heeft daardoor geen uniforme schadekans. Naarmate de schadekans afneemt, neemt de kans op schade door andere invloeden toe.

 

19. Enerzijds zijn er formeel nog geen formele voucheraanbiedingen gedaan en zijn de second opinion panels nog niet aan de slag. Anderzijds loopt er een onderzoek naar schadeoorzaken in het zogenaamde ‘buiten’ (of is het ‘rand’?)gebied door TU Delft, er is kritiek op de zekerheden die technische modellen nu en in de toekomst kunnen leveren en er zijn juridische procedures in voorbereiding om de Witteveen+Bos rapporten van tafel te krijgen. Er is bovendien grote onvrede over de in twijfel getrokken integriteit van gedupeerden. Ook loopt er nu een discussie over een nieuw schadeprotocol waarbij het accent meer komt te liggen op de juridische causaliteit in plaats van de technische causaliteit. De pilotaanpak uit het buitengebied zal daar niet verder worden uitgerold. Ervan uitgaande dat er inderdaad een nieuw protocol met maatschappelijk draagvlak komt.

Dit overziend; zou het niet logisch zijn om gedupeerden die graag de voucher willen zo snel mogelijk te bedienen en voor het overige de afhandeling met terugwerkende kracht volgens het nieuwe schadeprotocol te doen? Wat zou volgens een nieuwe beoordelingssystematiek (bewijsvermoeden voorop) het oordeel in deze gevallen zijn?

Antwoord NCG:
Bewoners van wie de schade is beoordeeld, krijgen zo spoedig mogelijk een voucher. Bewoners kunnen zelf afwegen of ze de voucher accepteren.

Op 31 maart jl is de schadeafhandeling conform het oude protocol stopgezet. Voor alle meldingen gedaan tot die datum, geldt dat ze worden afgehandeld volgens het oude protocol. De voucher kan voor mensen een hulpmiddel zijn om dat proces af te ronden.

Een nieuwe wijze van schadeafhandeling start zo spoedig mogelijk, deze geldt voor meldingen vanaf 31 maart 12 uur. Er valt geen eenduidige uitspraak te doen over hoe in de nieuwe methodiek het oordeel over deze gevallen zou zijn.

Reactie Gasberaad:
In ieder geval is het nu zo dat de bedenktijd voor het “buiten gebied” is verlengd tot twaalf maanden. Dat betekent dat de diverse onderzoeken zonder risico kunnen worden afgewacht.