Bij de presentatie van het nieuwe schadeprotocol kondigde minister Wiebes aan dat alle openstaande schadegevallen van vóór 31 maart 2017 afgehandeld zullen worden door een ‘ruimhartig aanbod’ van NAM. En wel voor 1 juli van dit jaar. Dat kon, zo betoogde de minister, omdat NAM op zijn verzoek daarvoor nog eens 50 mln. extra heeft uitgetrokken. Onduidelijk was hoe de NAM dat vervolgens zou gaan doen. Afgesproken werd dat de minister met de Commissaris van de Koning maandelijks een voortgangsgesprek met NAM zou hebben over de afhandeling van die openstaande cases.

Op ons aandringen hebben de minister en de Commissaris van de Koning aan de NAM gevraagd te komen met een plan van aanpak. De NAM heeft die vorige week aan hen gepresenteerd en de minister en de Commissaris van de Koning zijn hiermee akkoord gegaan. Het plan kwam een paar dagen later naar buiten: de NAM gaat alle openstaande schades tot 25.000 euro een aanbod doen, daarboven moet de arbiter een oordeel vellen. Inmiddels hebben alle schademelders die het betreft (volgens NAM ruim 6.000) hierover een brief gehad.

Bij het Groninger Gasberaad stroomden vervolgens de telefoontjes binnen van gedupeerden met vragen over deze afhandeling. “Vervalt nu ons voucher aanbod?” “Moet mijn contra-expert nog een rapport maken?” “Ik ging voor herstel in natura, krijg ik nu alleen een financieel aanbod?” Enzovoort. Allemaal vragen waar wij het antwoord ook niet op hadden. Maar we zijn voor u op zoek gegaan naar antwoorden – en dat viel niet mee. Minister en CdK hadden de antwoorden niet, en de tafel ‘Schadeprotocol’ mocht het niet gaan vragen bij de NAM. Stukje bij beetje hebben we, her en der, zoveel mogelijk informatie bij elkaar gesprokkeld.

We hebben geaarzeld om deze informatie met u te delen, omdat we niks zeker weten. Maar de behoefte aan informatie is groot en íets weten is beter dan niets. We doen, ook langs deze weg, een beroep op de NAM om zo snel mogelijk, zo gedetailleerd mogelijk, de informatie te delen waar bewoners daadwerkelijk van uit kunnen gaan.

Hier geven wij weer wat wij er intussen van hebben begrepen. Maar we geven ook aan welke vragen voor ons nog open staan. Om te beginnen heeft de NAM aangegeven álle openstaande meldingen de komenden weken een schriftelijk aanbod te doen voor het vergoeden van alle schade. Dus óók voor C-schades die in de dossiers zijn opgenomen. Er worden calculatiebureaus ingezet om die aanbiedingen te doen. Dit is nog duidelijk. Maar hoe zit het dan met de 25.000 euro grens? Eerder werd vermeld dat het ging om daar waar de ‘optelsom van schades’ boven de 25.000 euro uitkwam de casus naar de arbiter zou gaan. Intussen hebben we begrepen dat het gaat om de C-schades. Als die uitkomen boven de 25.000 euro, zou er een arbiter aan te pas moeten komen. Maar wat we niet weten is of in deze gevallen wel eerst een aanbod wordt gedaan. Of dat het schriftelijk aanbod in die gevallen luidt: uit onze calculatie blijkt dat uw schades hoger uit zouden komen dan 25.000 euro en dus kunt u 25.000 euro accepteren of we verwijzen u door naar de arbiter. Vervolgens is ons onduidelijk wat de arbiter dan gaat beoordelen. Gaat de arbiter dan zelf het bedrag van alle schades vast stellen? – dat zou een nieuwe taak en functie  voor de arbiter zijn, óf gaat de arbiter een inhoudelijk oordeel geven over wel of niet bevingsschade (causaal verband) met eventueel een bedrag? En komt er een garantstelling dat álle uitspraken van de arbiters onverkort worden opgevolgd? Dat is nu niet het geval.

Wat we ook niet weten is wat de juridische titel van de vergoeding wordt. Wordt dat een ‘schadevergoeding’, een ‘schikking’, een andere soortige ‘vaststellingsovereenkomst’? Dit is van belang, o.a. voor de belastingdienst. Of worden er verschillende titels gebruikt? In het zogenaamde binnengebied zal de schade worden erkend, maar in het zogenaamde buitengebied blijft de NAM dat weigeren. Wel hebben ze toegezegd de waardevermeerderingsregeling voor het zogenaamde buitengebied te zullen financieren. Dus materieel maakt het voor de schademelders daar niet uit, vraag zal zijn of iedereen er principieel mee kan leven. In ieder geval hebben wij de indruk dat de ‘finale kwijting’ formule zal verdwijnen. Dat geeft voor veel mensen alvast lucht.

De bulk van de aanbiedingen zal in april/mei binnen komen. Zodra iemand het aanbod heeft ontvangen, gaat de bedenktijd in. Hoe lang die zal zijn weten we niet, maar we vermoeden dat het, gezien het totale tijdpad, hooguit een paar weken zal zijn. Het lijkt dus verstandig om voorbereid te zijn en zelf al een bepaald bedrag met bandbreedte te bepalen. We weten niet of ‘herstel in natura’ in deze opschoningsoperatie een optie blijft. We hopen van wel – helaas biedt de Tijdelijke Commissie Mijnbouwschade die voorlopig niet.

Een andere vraag die wij regelmatig krijgen, gaat over de combinatie van schademeldingen. Veel mensen met een nog openstaande melding, hebben na de beving van Zeerijp opnieuw of verergerde schade geconstateerd. “Is het nu de bedoeling dat ik voor de nieuwe, extra meter scheur, of die 2 mm. verbreding van de scheur naar de Tijdelijke Commissie ga? En kan ik de scheuren dan tot die tijd niet herstellen?” Het lijkt ons niet meer dan logisch dat een afhandeling in één keer wordt geregeld. Hetzij in het NAM traject, hetzij via de nieuwe Tijdelijke Commissie Mijnbouwschade. De bewoner centraal, toch?

Grootste openstaande vraag blijft natuurlijk: wat gebeurt er ná 1 juli? Het lijkt een onmogelijke opgave om vóór 1 juli alles weg te werken. Al helemaal wanneer we daarvoor deels afhankelijk zijn van de arbiters. Natuurlijk, als alles loopt zoals de minister, de Commissaris van de Koning en de NAM voor ogen hebben, dan raken de arbiters een flink deel van hun werkvoorraad kwijt. Iedereen die nu aangemeld is, maar straks het nieuwe NAM aanbod accepteert, valt weg van de lijst. Maar ruim 6.000?? Ook calculaties maken is uiteindelijk mensenwerk – en vergissingen zijn menselijk. Wat gebeurt er met diegenen die het níet eens zijn of worden over het aanbod? Bijvoorbeeld omdat er bij de calculatie gebruik is gemaakt van een bepaalde herstelmethode die je in dat geval niet kan of wilt hebben? Kunnen die nog naar de arbiter?  Op grond van de huidige besluiten zou dat niet meer mogelijk zijn. Maar dat is voor ons onacceptabel: er mag niemand buiten zijn schuld tussen wal en schip raken na 1 juli.

Kortom: er zijn nog veel haken en ogen waar wij nadrukkelijk aandacht voor vragen. Maar – deels afhankelijk van de antwoorden – kan dit nog steeds voor een groot aantal van de schademelders leiden tot een bevredigende afdoening van de schade. Collectief vrolijk worden we er niet meer van, daarvoor is het too little, too late. Maar als u zelf ergens de komende weken een goed aanbod krijgt, pak dan die kans en markeer het moment met een bloemetje of een toast. Met al het geduld wat u heeft gehad, en alle energie en kopzorgen die het u heeft gekost: U heeft het verdiend!