De volgende memo heeft het Groninger Gasberaad aan NAM, minister Wiebes en Commissaris van de Koning gestuurd:

Ter voorbereiding van het vorig overleg hebben we vragen gesteld en kritische kanttekeningen geplaatst bij het procesontwerp, de “spelregels”, die NAM heeft opgesteld voor het afhandelen van de 6.000 oude gevallen. NAM heeft daar serieus en inhoudelijk op gereageerd en ook enkele zaken aangepast/toegevoegd. Dat hebben wij gewaardeerd.

Inmiddels zijn een groot deel van de aanbiedingsbrieven verstuurd en begint zich af te tekenen welke knelpunten in de praktijk ontstaan. Deze Memo zal vooral in gaan op die onderwerpen.

Wij baseren ons op verhalen van bewoners die ons bellen, mailen of anderszins aanspreken in het veld. Een statistische onderbouwing hebben we niet, hopelijk ontstaat een helder beeld daarvan uit het klanttevredenheidsonderzoek. Ter illustratie hebben we een aantal gevallen die ons hebben gemaild toegevoegd in de bijlage*. Dit is nadrukkelijk maar een deel van alle verhalen die we – ook vaak in gesprek of via Stut en Steun- hebben gehoord.

Knelpunten

Uit alle signalen die ons bereiken komt een patroon naar voren waarbij de knelpunten zich concentreren op de hoogte van de aanbieding enerzijds, en het proces anderzijds. Ook de klachten over bejegening zijn meestal naar deze knelpunten te herleiden. Algemeen: als men het met hoogte óf met de gang van zaken niet eens is, blijkt er niet of nauwelijks ruimte voor gesprek. Dat is meteen het eerste knelpunt wat we onder de aandacht brengen:

  • Het “rug tegen de muur” concept. Zo wordt het door veel mensen ervaren. Navraag naar inhoud van het bod (zelfs bij evidente fouten) wordt doorgaans beantwoord met de strekking: “het is wat het is, u moet het maar zeggen. U kunt dit doen of naar arbiter gaan. Meer mogelijkheden zijn er niet.” Wij horen van verschillende kanten dat men akkoord gaat met een te laag bedrag om ‘er maar vanaf’ te zijn of vanuit de angst dat het ‘dit of niks’ is. Maar niet omdat ze tevreden zijn met het aanbod!
  • Grote zorgen maken wij ons over de achterliggende oorzaak waarom veel mensen het niet eens zijn met het aanbod. In de meeste gevallen is dat gelegen in de aangeboden ‘herstelmethode’. De aanbiedingen worden louter gebaseerd op cosmetisch herstel, het dicht lijmen en over verven van scheuren. Terwijl er vaak meer nodig is voor werkelijk herstel van de schade. Bijvoorbeeld omdat muren zijn gaan wijken, er spanning op de fundering is ontstaan, balk constructies ontwricht zijn, etc. Wanneer daar niks aan wordt gedaan zullen veel scheuren, zelfs zonder nieuwe seismiciteit, opnieuw gaan ontstaan. Dat is voor bewoners geen oplossing. Maar andere, verdergaande herstelmethodes worden niet aangeboden. Wij zijn van mening dat louter cosmetisch herstel niet het civielrechtelijk uitgangspunt is van schadeafhandeling. Weliswaar kan nieuwe schade weer geclaimd worden maar daarmee wordt het probleem opnieuw verschoven naar de bewoner. Het onderscheid tussen cosmetische en constructieve schade is altijd al grote onzin geweest. Schade is schade. En alleen dat kan ook de basis zijn voor een ruimhartig aanbod van NAM. Wat er nu – en eigenlijk al de afgelopen jaren – gebeurd is dat er geen sprake is van schadeherstel maar van schade verhullen.
  • De reactie termijn van drie weken veroorzaakt veel onrust. Sommige bewoners hebben al langer dan een jaar niks meer van CVW/NAM vernomen en moeten nu zelf binnen drie weken een definitief akkoord of afwijzing geven. Ook wanneer de aangetekende brief pas een paar dagen na dagtekening kon worden bezorgd. Daarmee is de tijdsdruk van het spoedig afhandelen opnieuw bij de bewoner neergelegd. Gooi een aanbod over de schutting en wacht drie weken.. Veel bewoners willen van hun contra-expert, aannemer of bouwkundige weten of het aangeboden bedrag reëel is voor reëel herstel. Ook deze mensen kunnen niet heksen..
  • Veel irritatie ontstaat over de term ‘coulance calculatie’. Daarmee wordt weer gesuggereerd dat er cadeautjes worden uitgedeeld in plaats van schade wordt vergoed.
  • Rol en vergoeding van ondersteuners als contra-experts is onduidelijk. Wanneer bewoners een akkoord verklaring tekenen, tekenen ze er ook voor dat nog openstaande facturen van contra-experts niet meer worden vergoed. Dit is volstrekt onredelijk!
  • Bewoners in het buitengebied met een Witteveen&Bos rapport die niet akkoord gaan met aanbod moeten contra zelf financieren richting arbiter. Dat geldt ook voor schademelders die voor 19 maart 2018 nog geen gelegenheid hadden om een contra in te schakelen. Volgens het huidige regelement van de arbiters kan een zaak niet in behandeling worden genomen zonder een contra rapport. Het is daarmee weer aan schademelders zelf om een financieel risico te nemen om hun recht te halen. Een onaanvaardbare situatie.
  • Overige klachten opgenomen in de brief van Onafhankelijk Raadsman herkennen wij ook: jaren gedateerde calculaties, onduidelijkheid over de bijkomende kosten en soms wel soms niet aangeboden soort van overlastcompensatie, onduidelijkheid over welke schadeposten de arbiters als ‘evident geen bevingsschade’ zouden hebben aangemerkt (een lijstje daarvan is nergens, ook niet bij arbiters, bekend), onduidelijk of herstel in natura nog een nabetaling voor bewoner kan opleveren (wanneer aannemer boven bedrag blijkt uit te komen).
  • Het allemaal aan laten komen op de arbiters is geen oplossing. Tot dusver lijkt de wachtlijst niet daar niet af te nemen. Het merendeel van de mensen die daar op de wachtlijst stonden hebben het aanbod niet geaccepteerd en blijven dus op de lijst. Daar komen nog nieuwe gevallen bij van mensen die het aanbod niet accepteren en nog niet op de wachtlijst van de arbiters stonden. De wachttijden voor de arbiter dreigen daarmee weer onacceptabel lang te worden. En de schades verergeren al die tijd verder.. 
  • Tot slot: schademelders op de wachtlijst van de arbiter moeten zelf laten weten dat zij het aanbod níet accepteren om alsnog op de wachtlijst van de arbiter te blijven staan. Waarom geeft NAM dit niet door aan de arbitrage? Ook hier wordt de bal weer bij de bewoners neergelegd.

Kortom, het zal zo zijn dat een groep schademelders eindelijk afdoende is geholpen met het aanbod van NAM. Maar het kan niet zo zijn dat juist de mensen met wat grotere of complexere schade straks alsnog het schip in gaan!

Daarom eisen wij van NAM, Commissaris van de Koning en minister:

  1. Alle calculaties op de volledige schade te maken, zowel cosmetisch als constructief. De schade moet daadwerkelijk worden hersteld, ook als er daarvoor bv. funderingsproblemen moeten worden aangepakt.
  2. Enige soepelheid in de termijn te betrachten. Dat hoeft niet over maanden te gaan, maar als een bewoner meer tijd nodig heeft om een reële afweging te maken dan moeten daar afspraken over te maken zijn.
  3. De gang naar de arbitrage moet voor iedereen open staan. Dat betekent wat ons betreft dat contra rapporten vergoed moeten blijven. Het schrappen van de verplichting tot een contra rapport om toegang te krijgen tot arbitrage vinden wij geen echte oplossing maar het verschuiven van het probleem. Hoe moet de arbitrage dan een oordeel geven? Voor elk geval een eigen expert inschakelen? Dat kost opnieuw heel veel extra procestijd, tijd die er niet meer is.
  4. Meer duidelijkheid en redelijkheid aan te brengen ten aanzien van vergoeding contra-experts, bijkomende kosten, overlastcompensatie, en uitgesloten schadeposten.
  5. Schaf de term ‘coulance calculatie’ af.
  • Alle verhalen zijn geanonimiseerd, maar om de privacy van de gedupeerden die hun verhaal bij ons deden te waarborgen, delen we de bijlage niet online.