Belangrijke punten juridische avond

Maandag 1 mei luisterde een volle zaal in de Blauwe Schuit in Winsum naar Prof. Herman Bröring. Hij nam de zaal mee in de juridische aspecten rondom de terugtrekking van de NAM uit het schadeprotocol. Aan bod kwamen o.a. de ingewikkelde structuur van het Gasgebouw, de ongelijke verdeling privaat- versus bestuursrecht en de juridische (toekomstige) positie van de NCG. Het is onmogelijk de hele avond samen te vatten, daarom zetten we de belangrijkste punten voor u op een rijtje:

Voucherregeling buitengebied

De voucherregeling is niets anders dan een coulance regeling volgens Prof. Bröring. Het betekent dat aansprakelijkheid niet erkend wordt. Kortom, deze kwijtschelding moet je niet accepteren! Zodra je instemt, ben je gebonden. U kunt het aanbod “kwijten” door te reageren met: “Ik houd NAM aansprakelijk voor alle huidige en toekomstige schade door gaswinning aan mijn huis.”

Rol van de NCG

De NCG is juridisch gezien een functionaris van Economische Zaken die rechtstreeks onder de minister valt. Dit betekent dat de minister hem ten allen tijde kan overrulen. De NCG neemt allerlei beslissingen, maar is daar eigenlijk juridisch gezien niet toe bevoegd. Daarom wordt er nu gekeken naar het uitbreiden van zijn bevoegdheden. Wat er in het voorstel hiervoor bij de Raad van State ligt is nog onbekend.

Rol van de Onafhankelijke Commissie Schade (OCS)

In het voorstel voor het nieuwe schadeprotocol van de NCG wordt gesproken over de Onafhankelijke Commissie. Hoe je het wendt of keert, er zal overleg blijven met de NAM, want de NAM is diegene die de schade moet betalen. Zoals het nu lijkt vervallen in het nieuwe protocol de second opinion en arbiter mogelijkheid. Dit lijkt Prof. Bröring zeer onwenselijk. Het zal belangrijk zijn om te zien hoe de OCS zich verhoudt ten opzichte van het CVW. Misschien wordt het CVW wel de uitvoerder van de OCS.

Omgekeerde bewijslast of bewijsvermoeden?

Afgelopen december heeft de Eerste Kamer de omkering van de bewijslast aangenomen. Wat betekent dit nu in de praktijk? Het gaat eigenlijk om de omkering van het bewijsvermoeden i.p.v. de bewijslast. Dit is vastgelegd in artikel 6:177a BW. Het gaat er niet om dat je het tegendeel moet bewijzen. In het geval van de NAM, moeten zij voldoende argumenten hebben om het bewijsvermoeden te laten omkeren.

Verjaringstermijn 5 jaar na Huizinge

Het is 16 augustus a.s. 5 jaar geleden dat de beving in Huizinge plaatsvond. Prof. Bröring waarschuwt voor de verjaringstermijn van de te verhalen schade. Die is namelijk na 5 jaar verlopen. Je moet deze verjaring “stuiten” zoals dit heet. Dan wordt de termijn met 30 jaar verlengd. Er wordt op dit moment gewerkt aan een voorbeeldbrief. Volg hiervoor deze link.

Vragen

Voor de juridische avond konden er vragen ingestuurd worden. Prof. Bröring heeft deze zoveel mogelijk tijdens de bijeenkomst beantwoord. De vragen die niet meer aan bod kwamen zijn echter ook allemaal beantwoord. Alle inzenders ontvangen bericht van het antwoord op hun vragen. Ook u kunt de vragen en antwoorden hier binnenkort nalezen.

Geluidsopnames en presentatie

Wilt u alles nog eens rustig luisteren? U kunt de geluidsopnames van voor de pauze en na de pauze beluisteren.

Ook de presentatie van Prof. Bröring kunt u hier nalezen.

Delen

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on email