Laat snellere manieren om bevingen in Groningen tegen te gaan onafhankelijk onderzoeken

De snelste manier om zowel het aantal als de zwaarte van de bevingen in het meest risicovolle deel van Groningen te verminderen is door snel te beginnen met injectie van stikstof in het noorden van het veld. Verdere drukdaling door gaswinning kan hierdoor worden tegengegaan. Daarmee wordt een hoofdoorzaak van de bevingen weggenomen. Het is opmerkelijk dat deze optie in het debat over Groningen tot op heden nauwelijks aandacht krijgt.

Van vele kanten wordt gepleit voor het ontwikkelen van een breed gedragen Deltaplan voor Groningen. Hiertoe zouden de betrokken overheden gezamenlijk een brede, onafhankelijke stuurgroep moeten opzetten. Voor wat betreft de verdere winning van gas uit het Groningenveld zou een hoofdtaak van deze stuurgroep moeten zijn fundamenteel en eerlijk op de winning te reflecteren. Wat is de snelst denkbare termijn waarop de bevingen kunnen stoppen? Welk niveau van aardgaswinning is de komende jaren dan nog mogelijk? Welke aanpak is hiervoor nodig en hoe kan deze worden gerealiseerd? Wat zijn hiervan de te verwachten kosten en baten en hoe kan de voorgestane aanpak optimaal bijdragen aan de beoogde transitie naar een CO2-arme energievoorziening in ons land?

Veel Groningers en betrokken partijen hadden de hoop dat door het lagere productieniveau van aardgas in Groningen er minder bevingen zouden optreden en die bevingen ook minder zwaar zouden zijn. Het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) heeft die suggestie meerdere malen gedaan, en zelfs gesuggereerd dat er een ‘veilig winningsniveau’ van 12 miljard kubieke meter aardgas per jaar zou bestaan waarbij er nagenoeg geen bevingen meer zouden optreden. De grote beving bij Zeerijp van 3.4 op de schaal van Richter op 8 januari 2018 heeft aan deze hoop een abrupt einde gemaakt.

Fysisch gezien was voor deze hoop ook weinig grond. Bevingen, ook zware, kunnen nog vele jaren optreden. En zolang door aardgaswinning de druk in het Groningenveld blijft dalen zullen bodemdaling en bevingen gewoon doorgaan. Bij steeds lagere drukken in het veld ligt het fysisch gezien zelfs voor de hand dat de frequentie en zwaarte van de bevingen toenemen per gewonnen hoeveelheid aardgas.

Verschillende regionale partijen hebben inmiddels opgeroepen tot ‘bezinning’ en een ‘pas op de plaats’. De huidige aanpak heeft een enorme impact op de bevolking. Er is heel veel sloop en nieuwbouw nodig en ook ligt er een uitzichtloze periode van bevingen en schade voor ons. De bedreiging van monumenten en de vele karakteristieke panden is groot. Begrijpelijk dat de Raad van State heeft aangegeven dat het gebrek aan perspectief een te zware wissel trekt op de regio.

In reactie op de beving van 8 januari 2018 vallen bestuurders over elkaar heen om te benadrukken dat ze heel goed begrijpen dat de gaswinning zo snel mogelijk zo veel mogelijk omlaag moet omdat dit “de enige manier is om de bevingen te reduceren”. Maar is dit juist?

Recent onderzoek van GasTerra suggereert dat het onmogelijk is om eerder dan 2030 à 2035 de gasproductie uit het Groningenveld geheel te stoppen, zelfs wanneer alle middelen hiertoe worden benut. Daarna zal in het veld nog drukvereffening plaatsvinden. Dit leidt tot verdere daling van de druk in het aardbevingsgevoelige noordelijke deel van het veld met het bijbehorende risico van bevingen. Bevingen vinden bij deze aanpak in Noord-Nederland nog tot waarschijnlijk 2035 à 2040 plaats . In onze visie kan en moet dit veel sneller! Dit kan door een lagere winning van aardgas uit het veld te combineren met stikstofinjectie in het veld; dit voorkomt verdere daling van de druk in het veld en neemt de drijvende kracht achter bevingen weg.

Stikstofinjectie kan binnen 4 tot 5 jaar opgestart worden. Vanaf 2023 kunnen de bevingen dan afnemen en weer 5 jaar later zou het mogelijk moeten zijn om een stabiele situatie in de ondergrond te creëren. Omdat de drukken in het veld constant blijven, ondanks de gasproductie. En mocht in 2028 de conclusie zijn dat deze aanpak onvoldoende effectief is, dan kan alsnog besloten worden om de productie in 2030 te staken. De beschikbare stikstof kan dan worden gebruikt om hoogcalorisch importgas om te zetten naar gas van Groningen-kwaliteit.

De voorgestelde insteek pakt de oorzaak van de bevingen bij gaswinning aan. Daarom heeft onder meer de Mijnraad al in 2016 aanbevolen de optie van drukhandhaving door stikstofinjectie verder te onderzoeken. Realisatie ervan kost geld maar levert in de loop der jaren een veelvoud hiervan aan waarde op. Deze middelen kunnen bijdragen om de leefbaarheid van het getroffen gebied te vergroten en de overgang naar een CO2-arme energievoorziening te bespoedigen. Ook biedt de voorgestelde aanpak diverse kansen voor innovatieve ontwikkelingen in het Eemsmondgebied.